Heet van de naald

 

Wie kan meer vertellen over deze foto?

Kent iemand één van deze personen?
Is deze groep op Lourdes-uitstap?
Wie kan er ons meer over vertellen?

Reproducties van Heylbrouck te koop

In samenwerking met de Heemkundige Kring, wil Tom Vanleeuwe extra afdrukken laten maken van de twee gravures van Heylbrouck, die het hertogelijk kasteel afbeelden, zowel aan noordzijde als aan zuidzijde.

Door een misverstand werd gesteld dat de reproducties in kleur zouden zijn. Ze zullen echter in zwart-wit verkocht worden. We bekijken nog of ze ook eventueel in kleur zouden kunnen aangemaakt worden.

We zouden ze verkopen tegen de prijs van

10 euro het stuk.

Wie geïnteresseerd is in deze reproducties, mag zijn naam en adres opgeven en 10 euro overschrijven op rekeningnummer

BE78 0680 4029 0086
van de Kon. Heemkundige kring Sint-Hubertus Tervuren

Noordzijde

Zuidzijde

 

Medewerkers gevraagd:

Wij van de Heemkundige kring kunnen nog steeds helpende handen gebruiken, zowel in ons archief- en documentatiecentrum als bij de organisatie van aktiviteiten. Wie zich geroepen voelt om ons een handje hulp toe te steken als losse medewerker mag zich steeds melden. We zullen jullie met open armen ontvangen.

 

Nieuws uit de regio

Erfgoed in Tervuren

Voor de internationale tentoonstelling van 1897 lieten de inrichters 267 Congolezen overkomen om een viertal ‘dorpen’ te bewonen. De komst van deze mensen was in hun ogen een succesvol middel om de Congopolitiek te populariseren.

Van de geselecteerden stierven er twee bij de overtocht. Zeven Congolezen stierven te Tervuren, een kort na aankomst aan tering, de andere zes in de slechte augustusmaand aan influenza. De zeven graven werden bijgezet op het oorspronkelijke kerkhof rond de kerk. Later werden ze verplaatst naast de kerkmuur, waar ze nog liggen.

Recent is een van de dekstenen van de graven gebroken. Er diende dus een herstelling uitgevoerd te worden. Daar is men nu volop mee bezig. Alle graven worden onder handen genomen. Tegelijk werd een offerte gevraagd om alle graven op het oude kerkhof te restaureren. Daar zal een budget voor aangevraagd worden.

Vanuit de kring werd ook gevraagd om iets te doen aan de sokkel van het oud-strijdersmonument, waarvan de stenen uit mekaar gaan.

AV

Het hoekpaviljoen van het Hoefijzer

Als we de Kasteelstraat afdalen, krijgen we telkens opnieuw een steek in ons hart. Het rechtse hoekpaviljoen, bij de Tervurenaars gekend als de vroegere woning van ‘meester Cums’, verpulvert er tot een ruïne. Nochtans is het ook deel van een beschermd monument! Eigenlijk is dit gebouw het enige deel van het Hoefijzer dat zowel binnen als buiten zijn zeventiende-eeuwse uitzicht bewaard heeft. Tot nader order is de voormalige Panquinkazerne nog steeds eigendom van het ministerie van Landsverdediging.

Hier en daar horen we regelmatig over wettelijke maatregelen tegen eigenaars die gebouwen laten leegstaan en verkrotten en ook rechterlijke straffen tegen verwaarlozing van beschermde (‘geklasseerde’) gebouwen. We vragen ons dus wel af of deze ook geldig zijn voor Landsverdediging?

VM

Henry Morton Stanley in de Nederlandse Vereniging

Op 5 oktober 2017 had de Nederlandse vereniging mevrouw Mathilde Leduc-Grimaldi uitgenodigd voor een lezing over Stanley, onder de titel “Henry Morton Stanley. Life and travels over 4 continents”. Enkele bestuursleden van onze kring waren uitgenodigd.

De lezing was inderdaad in het Engels. Mevrouw Leduc-Grimaldi vertelde ons dat ze haar proefwerk had willen maken over Stanley van zo gauw ze vernam – in 2002 – dat zijn archieven in Tervuren terecht waren gekomen. Probleem was dat deze archieven nog niet geïnventariseerd waren en dus niet openbaar. Maurits Wynants, die er de hoede over had, zag echter een opportuniteit en stelde voor dat zij voor de inventarisatie zou zorgen en zo haar proefwerk kon voorbereiden. Op die manier werd ze in het KMMA geïntroduceerd… en ze bleef. Na Maurits Wynants’ overlijden nam ze het over en werd ze curator van het Stanleyarchief. Ondertussen behaalde ze een PhD in geschiedenis. Ze is in Amerika Mellon Fellow van het Decolonization Seminar (Library of Congress/National History Center) en heeft een Executive MBA aan het HEC in Parijs. Haar laatste publicaties: “Mr Stanley I presume” (Brussel, KBF, 2007) en “Going Postal - (hi)story and phi-lately in Belgium” (Brussel, RMCA, 2016).

Tijdens de twee uur durende lezing kregen we een beeld van het leven van Stanley, hij werd geboren in Denbigh (Wales) in 1841, werd als achtergelaten kind opgevoed door familieleden, om op vijfjarige leeftijd in een Union Workhouse terecht te komen, waar hij een zekere opvoeding kreeg.

Op zestienjarige leeftijd belandde hij in New Orleans, verzeilde er in de Amerikaanse Burgeroorlog aan de zijde van de Zuidelijken, werd gevangengenomen, sloot aan bij de Noorderlingen maar deserteerde, ontdekte zijn schrijverskwaliteiten en kwam terecht bij de New York Herald.

Op 16 oktober 1869 gaf krantenbaas James Gordon Bennett hem opdracht Livingstone weer te vinden in Afrika. Over de ontmoeting met deze Schotse zendeling aan de oevers van het Tanganyikameer gaat het gekende verhaal van de formele ontmoeting met de woorden “Dr. Livingstone, I presume” maar er is niet met zekerheid vastgesteld of Stanley inderdaad deze woorden uitgesproken heeft. Wel was het zo dat de geplogenheden bij ontmoetingen onder Britse onderdanen in die tijd nogal formalistisch waren, eender waar ze zich bevonden.

In 1874 zette hij een nieuwe expeditie op, ditmaal om de bronnen van de Nijl te vinden. In ongeveer 1000 dagen doorkruiste hij heel het Afrikaanse continent, van de oostkust tot Boma aan de Atlantische Oceaan. Hij zag grote mogelijkheden voor de handel in het uitgebreide rivierennet. Dat trok de aandacht van koning Leopold II. Omdat Engeland niet meteen interesse toonde, trad hij voor vijf jaar in dienst van deze koning.

Een vierde en laatste keer trok Stanley naar Afrika om er, op vraag van een comité onder leiding van de Schotse scheepsmagnaat sir William Mackinnon, en na de val van Khartoum en de moord op Gordon Pasja, de Engelse gouverneur-generaal van Soedan, hulp te gaan bieden aan Emin Pasja (Eduard Schnitzer), van oorsprong de Duitse gouverneur van de Equatoriaprovincie (deel van huidig Soedan). Stanley’s Afrikaanse bijnaam was ‘Bula Matari’.

Na zijn terugkeer in Engeland, trouwde Stanley met Dorothy Tennant, een aristocratische dame met artistieke aanleg. Hij stierf op 10 mei 1904.

AV

1 oktober 2017, heropening Spaans Huis (Gordaelmolen)

Deze zondag was er een waarop de weertechneuten weer eens hun best deden om er geen afgang van te maken. Het bleef droog met een lichte bewolking, de natuur kleurde herfstig en de temperatuur vormde geen obstakel voor een fijne natuurbeleving in het najaar.

De uitbaters van Bistro Mille, het voormalige ‘bootjeshuis’ aan de Borchtvijver, hadden met succes een bod gedaan om de uitbating van het Spaans Huis over te nemen van 3Wplus. Daarmee werd op deze zondag de heropening gevierd van dit historische gebouw. Op het ommuurde pleintje aan de voorgevel waren enkele tentjes geplaatst waar lokale specialiteiten werden aangeprijsd. Het milde najaarsweer nodigde tot vertier in de buitenlucht, terwijl alle lokalen binnen zo goed als volzet waren. Op de verdieping waren een paar kamertjes ingericht voor de kleinsten onder de klanten en hun oplettende ouders. De bovenruimte onder de spanten werd een gezellige loungeruimte.

Even na drieën werden er enkele toespraken gehouden, door burgemeester Spooren, die het een goeie zaak vond dat dit Spaans Huis weerom in goede handen toefde, door onze voorzitter Frank Ruttens, die voor de toehoorders even de historische gegevens van dit voormalige molenhuis ontrolde en door Tom Embo van het Agentschap Natuur en Bos, die de plaats innam van mevrouw Marleen Evenepoel en die ons nog eens de doelstellingen van deze instelling voorhield: beheer van de domeinen, onderhoud en restauratie van gebouwen en zorgen voor de beleving van de natuur door de wandelaars.

Zoals het op hun website staat: “Het Spaans Huis is een gerestaureerd molenhuis uit de 17e eeuw en is - net als het park, eigendom van het Agentschap voor Natuur en Bos (Vlaamse Overheid). Door te investeren in het vastgoed in natuurdomeinen tracht het agentschap de natuurbeleving van een gebied te vergroten. Met de nieuwe uitbaters in het Spaans Huis is daarvoor een goede partner gevonden in het Park van Tervuren.”

Al deze wijze woorden gezegd zijnde, was de beleving zeker in orde want het volk stroomde toe en de bediening had alle handen nodig om de dorstigen van dienst te kunnen zijn. Daarbij sneuvelde al eens menig glas of kop.

AV

10 november 2017: voordracht ‘Het kasteel van Tervuren in beeld’

Onze kring lijkt dezer dagen op een spa-bruis. Wat is het dit jaareinde weer druk, wat bruist het weerom! De ene affiche na de andere diende afgedrukt te worden. Op 17 november begon er een tentoonstelling over de pastorie in GC Warandepoort, op 16 december volgt onze midwinterwandeling en op bovengenoemde datum hield Vic Motte een voordracht in de zaal van datzelfde GC Warandepoort over het voormalige hertogenkasteel van Tervuren en zijn geschiedenis aan de hand van oude prenten en schilderijen.

De zaal was meer dan behoorlijk gevuld. Jean Pierre van den Waeyenberg had de hele voorstelling van beelden samengesteld en tot een mooi geheel verwerkt. Op het vingerknippen van Vic wisselde hij de beelden op het scherm en Vic presenteerde het met al zijn mogelijke kennis van zaken. Deze voordracht was dit jaar al eens gegeven, in april met onze algemene vergadering, en dat beviel zodanig dat het plan opgevat werd om dit ‘grootser’ te brengen voor een uitgebreider publiek. De hele voorstelling was dus aangevuld met nog meer materiaal. Allerlei beelden volgden mekaar op het scherm op, waardoor iedereen een duidelijk zicht kreeg op de evolutie van het kasteel, zijn bouwgeschiedenis en uitgestrektheid. Spreker was niet weinig opgezet met het feit dat zelfs op deze kasteelsite een ‘motte’ aanwezig was geweest. Het ging hem hier over een vijvertuin met Franse indeling, waarvan nog sporen te ontdekken vallen als het vijverwater even wordt ‘weggespoeld’. Tegelijkertijd met de film van de evolutie van het kasteel, ontdekten we ook hoe het dorp veranderde en wat de invloed was van de bewoners van het kasteel. Niet alle bewoners kwamen voorbij, wel de bijzonderste, degene die met hun aanwezigheid en hun beleid mee luister gaven aan deze gemeente.

AV

18 november 2017: tentoonstelling ‘Pastorie geschilderd en geprent’

Omdat we in GC Warandepoort gebonden zijn aan hun openingstijden, had de vernissage van onze jaarlijkse grote tentoonstelling op een ongebruikelijk moment plaats: de zaterdagmorgen om 11 uur. Met deze tentoonstelling wilden we de pastorie van de Sint-Jansparochie in de schijnwerpers plaatsen, in samenwerking met De Vrienden van de School van Tervuren. Uit hun archieven kregen we enkele schilderijen die de pastorie voorstellen. Curatoren Annemie Breugelmans en Elisabeth Derveaux hebben er zich opnieuw voorbeeldig voor ingezet. Ze konden daarbij op hulp rekenen van een team medewerkers, zowel bestuursleden als andere leden van onze kring, leden van de VST, te veel om ze allen op te sommen. Eén naam willen we toch vermelden. Jean Pierre Vandenwaeyenberg, die instaat voor fotografie en digitalisering van ons archief, zorgde voor een schat aan beeldmateriaal en de noodzakelijke maar onberispelijke afdrukken ervan.

De tentoonstellingsruimte van Warandepoort is door de schilderijen, prenten, foto’s en documenten goed gevuld, zonder dat het idee van een pakhuis zou ontstaan. De inrichting is echt smaakvol. Bij de schilderijen vinden we niet enkel namen terug uit de school van Tervuren maar ook van actuele kunstenaars. Opvallend is ook de reeks panelen die door Joseph Maswiens en Jozef Coosemans geschilderd werden, werken die vroeger in de lambrisering van de erker van de pastorie verwerkt waren. Jaren geleden werden ze door onze kring van de ondergang gered door ze van uit het vochtige gebouw naar ons archief te verhuizen. Ze tonen – meestal regressief – aanblikken uit het Tervuren van weleer. In een toonkast pronken ook twee unieke documenten uit het archief van de Parkabdij in Heverlee, die onze pastorie in vroegere eeuwen voorstellen. Verder nog een aantal relicten en foto’s.

Voorzitter Frank Ruttens verwelkomde het publiek en legde vooral de nadruk op de bedoeling van deze tentoonstelling. Het gaat er hier niet enkel om het grote publiek kennis te laten maken met de artistieke en historische aspecten van de pastorie, maar ook de misthoorn te laten schallen omwille van de momenteel ellendige toestand van het gebouw.

We hadden er het al meermaals over: door het juridisch dispuut tussen architectenbureau en onderzoeksteam is de dringende restauratie van deze oudste Parkpastorie van het land (1616) – dixit Stefan Van Lani – op de lange baan geschoven. Pierre Hilven, collega-voorzitter van de VST, tapte uit een ander vaatje. Op magistraal grappige toon liet hij een film afrollen zonder beelden. Met een smeuïg, imaginair verhaal nam hij ons mee op wandel, samen met de schilders uit de eerste generatie van de School van Tervuren. Ze stapten uit de postkoets op de Markt en doorkruisten de schilderachtige plekken van de gemeente, terwijl ze uiteraard ook door de pastorie geïnspireerd werden. Elisabeth Derveaux vertelde ons over de opvatting van deze tentoonstelling, over de moeilijkheden die moesten overwonnen worden en bedankte ook nominatim iedereen die de twee curatoren meegeholpen had om alles tot een goed einde te brengen.

Stefan Van Lani was als feestredenaar geïnviteerd. Als archivaris en beheerder van de Erfgoedsite Abdij van Park was hij natuurlijk de geschikte persoon om te vertellen over de tijdsspanne van 650 jaar waarin deze abdij pastoors-witheren leverde aan onze Sint-Jansparochie.

De officiële opening tenslotte werd door schepen van onroerend erfgoed Mark Van Roy uitgesproken, die van de gelegenheid gebruikmaakte om de meest actuele stand van zaken mee te geven i.v.m. de hierboven genoemde restauratieproblemen maar ook over de evolutie van andere dossiers zoals de verwerving van de voormalige kazerne Panquin, de aanpak van het verloederde hoekpaviljoen (‘meester Cums’) van het Hoefijzer en de archeologische site van het hertogelijk kasteel. Kom zeker eens in de volgende dagen naar GC Warandepoort, de tentoonstelling loopt nog tot 14 januari 2018.

Bij de opening van de tentoonstelling ‘De pastorie geschilderd en geprent’ schetste schepen Mark Van Roy de stand van zaken in een aantal erfgoeddossiers. Niet enkel met betrekking tot de pastorie maar ook aangaande enkele andere erfgoedthema’s die onze voortdurende aandacht hebben. In de eerste plaats deelde hij mee dat door de gemeente een erfgoedbeheersplan is opgesteld. Het gaat hier over zes monumenten in Tervuren, gelegen in of de onmiddellijke omgeving van de site Panquin: de parkmuur en de parkpoorten, de Koninklijke Moestuin, de kazerne Panquin zelf, het hertogelijke paleis, of beter de resten ervan, de Sint-Hubertuskapel, de warandepoort en de School van Tervurendreef. Nu dit plan afgerond is, hoopt men het aan de gemeenteraad van december of ten laatste januari ter goedkeuring voor te leggen. Het is de bedoeling om een visie te ontwikkelen op het beheer van de verschillende monumenten die werden opgesomd, ook met oog op mogelijke toekomstige bestemmingen.

Vervolgens meldde hij dat momenteel de laatste hand gelegd wordt aan de onderhandelingen met een mogelijke projectontwikkelaar van de site Panquin. Een belangrijk aandachtspunt daarbij is de restauratie, niet alleen van het Hoefijzer zelf maar ook en vooral van het hoekhuis, gelegen beneden de Kasteelstraat. Iedereen die interesse heeft in erfgoed weet dat dit huis, ook binnenin, in zeer slechte staat is. In het algemeen is het Hoefijzer vooral aan de buitenzijde waardevol maar dit hoekhuis bezit bovendien een mooi en waardevol interieur dat nog grotendeels dateert uit de 18e eeuw. Reden waarom het college in de onderhandelingen met de ontwikkelaar heeft bedongen om aan dit hoekhuis prioriteit te geven. Tenslotte kwam hij terug op het onderwerp van de tentoonstelling, de pastorie. Het gaat hier over een stukje onroerend erfgoed waarvan sommige delen teruggaan tot 1616. Een gebouw dus van meer dan 400 jaar oud. Het is een publiek geheim dat er al jaren een juridisch geschil loopt met betrekking tot dit gebouw. Reeds in 2007 startte de kerkraad een studieopdracht voor de restauratie en de verbouwing van het gebouw. Maar in 2013 verzandde de opdracht in een juridisch geschil met als resultaat een dagvaarding voor de rechtbank, waarbij partijen het tot op vandaag niet eens geraken over de resultaten van de opdracht en over de financiële consequenties ervan.

Waar staat men vandaag? Positief is dat, ondanks het juridisch geschil, de dienst Onroerend Erfgoed van de Vlaamse Gemeenschap heeft toegezegd dat de subsidies verzekerd blijven en dit ongeacht de datum waarop dit geschil voor de rechtbank zijn definitieve besluit zal kennen. Ook positief is dat er een nieuwe datum is vastgesteld voor de rechtbank, meer bepaald 19 januari 2018. De schepen had contact genomen met de raadsman van de kerkraad en vernam dat er in principe in de loop van 2018 een uitspraak kan worden verwacht in eerste aanleg. Of dit het einde van het geschil is, valt echter te betwijfelen. Met de huidige tentoonstelling vragen de twee verenigingen terecht aandacht voor een gebouw waarvan de eerste sporen teruggaan tot in de 14e eeuw. Als men de lijst bekijkt die deskundige Stefaan Van Lani toonde, met de gebouwen die de abdij van Park beheerde in het verleden, en men merkt dat helemaal bovenaan als oudste gebouw de pastorie van Tervuren prijkt, dan is het duidelijk dat er dringend een definitieve oplossing gezocht moet worden.

De gemeente reikt de hand om een oplossing te zoeken en is bereid alle partijen rond de tafel te brengen. De schepen drukte de hoop uit dat deze tentoonstelling de aanzet mag zijn om een definitieve oplossing te vinden en het gebouw derhalve te verzekeren van een toekomst. De huidige generaties Tervurenaars maar ook de toekomstige hebben er recht op.

 

Opening van de Moestuin achter de Zevenster

Op zaterdag 2 september werd, samenvallend met Hee Tervuren, feestelijk de Moestuin voor geopend verklaard. Vic Motte schetst er een kleine geschiedenis van.

De toestand voor 1582

In de Middeleeuwen bezat Tervuren vier verdedigingspoorten. De Leuvense poort op de weg naar Leuven bevond zich ongeveer waar nu het kruispunt ligt van de Broekstraat met de Leuvensesteenweg. Even buiten de poort stond tot 1582 het gasthuis of hospitaal. In de middeleeuwen en later werd een gasthuis of hospitaal gebouwd buiten de stads- of gemeentepoort. Vreemdelingen die om een of andere reden de gemeente niet in mochten, werden er voorlopig opgevangen. Protestantse bendes verwoestten in 1582 het dorp en het gasthuis, na tien jaar voor een tweede maal.

Van koninklijk domein tot gemeentelijke speeltuin

In januari 1632, de tijd van aartshertogin Isabella, was er een ruil van de gronden van dit vroegere gasthuis met het pand aan de Paardenmarkt waar zich nu de gemeenteschool en het zwembad bevindt.

Enkele gebouwen van het voormalige gasthuis werden hersteld als woning en de gronden werden verhuurd. Het werd de gewoonte dat de valkeniers van de landvorsten hier voorrang kregen. De valkenjacht was immers een gegeerde bezigheid van de adellijke dames. Een gedeelte van het terrein was wel ingericht als boomkwekerij.

Omstreeks 1760, onder Karel van Lorreinen, bleven enkel de huisjes van de valkeniers langs de Vlonderse Hoek bestaan, de rest van de oppervlakte diende als stalling en weide voor de buffelkudde van het kasteel.

In de periode 1815-1830 – met de aanwezigheid van de prins van Oranje – kwam er een moestuin en aansluitend een neerhof, de ‘basse cour’. Hier stond een woning met drie kamers beneden, drie kamers op de eerste verdieping, kelder en zolder, een schuur, een koeienstal en een grote werkplaats, die voorlopig dienstdeed als oranjerie.

Naast het neerhof stond het gebouw van de marechaussee, de Hollandse gendarmerie (vier kamers, stallen voor vier paarden, zolder, kleine binnenplaats met pomp, de uitgang aan de weg naar Leuven), omgeven met een ommuurde tuin en een binnenplaats met waterput. Ernaast was er ook een boomkwekerij en dan volgden nog tuinen en grasperken, naar het paviljoen van de Prins toe, nu het Koloniënpaleis.

Aan het begin van het Belgisch koninkrijk bleef deze toestand voor een groot deel bestaan. Warande en aanhorigheden waren toen ter beschikking gesteld van de koninklijke familie. Na het overlijden van koning Leopold II werd de ‘koninklijke moestuin’ nog steeds als staatsmoestuin gebruikt. De beheerder werd door het landsbestuur aangesteld. Deze toestand hield aan tot na de Tweede Wereldoorlog. De familie Roland behoorde tot de laatste verantwoordelijken. Een deel van het terrein werd daarna ingericht als voetbalveld en later als speeltuin, met op de zuidelijke helft de gebouwen van de gemeentelijke administratie. De OCMW-assistentiewoningen aan de Leuvensesteenweg kwamen er in de periode 2010-’15, evenals het cultuurcentrum op de meest zuidelijke uithoek.

VM

‘Liefste Ouders en Zus’ - Biografie van Jan Craessaerts

Onze kring verleent zijn medewerking aan een boek over Jan Craessaerts, een toonaangevend muzikant uit Vossem die ook in Tervuren zijn muzikaal steentje bijdroeg. Het boek is van de hand van dochter Vera en wordt opgenomen in onze reeks Vura Ducum.

Je wordt meegevoerd naar het begin van de jaren vijftig van de vorige eeuw, de naoorlogse periode waarin Jan Craessaerts (°5 aug. 1932 Moorsel-Tervuren – †16 dec. 2010 Leuven) zijn militaire dienstplicht vervulde.

De talrijke brieven die Jan vanuit Brasschaat en het Duitse Soest aan zijn ouders en zus schreef, waren toen het enige communicatiemiddel tussen de militair en het thuisfront. Deze brieven werden enkele jaren geleden ontdekt en zijn nu gebundeld in een boek.

Het dompelt je onder in de sfeer van toen en je krijgt een perfect tijdsbeeld, dat ongetwijfeld zeer herkenbaar is voor de minder jonge lezers en verrassend voor de jongeren. Het boek bevat eveneens heel wat fotomateriaal, duiding, getuigschriften, het levensverhaal van Jan en leuke dagboekfragmenten.

Een opmerkelijke mix van humor, emotie, passie, doorzettingsvermogen en respect zijn de ingrediënten die deze brieven typeren. Boeiende en hartverwarmende lectuur!

Dit boek is te koop voor 20 euro, vanaf 25 mei 2018. U kan het reeds bestellen via

vera.craessaerts@telenet.be of 0478 71 98 09.

De boekvoorstelling vindt plaats met een concert van de Koninklijke Muziekkapel van de Gidsen, op 25 mei om 20u in GC De Warandepoort. Tickets kosten 16 euro en je kan reserveren via

vera.craessaerts@telenet.be, 0478 71 98 09 en www.dewarandepoort.be.

De opbrengst wordt INTEGRAAL overgemaakt aan de Palliatieve Zorgeenheid van het UZ Leuven.

 

(top)

Van de kring


(top)

Reacties

 

(top)

Schenkingen en aanwinsten

Tinneke Vanderplas-Hernalsteen schonk ons twee ingelijste prenten (reproducties van litho’s) met als thema de evolutie van de mens over de tijd. Het zijn gekende afbeeldingen, van gebogen lopend tot rechtop, tot zittend aan de pc. De leeftijdstrap van de man is het meest gekend, het mooie is dat we ook die van de vrouw hebben!

Wij ontvingen van ons trouw lid André Vankerm en echtgenote Jeannine Schoonejans enkele voorwerpen uit de nalatenschap van Lea Cornelis, nicht van Jeannine. Mevrouw Cornelis was geboren te Tervuren op 1 april 1950 en was jarenlang omroepster voor de radio (BRT), waarvoor zij het persoverzicht verzorgde. Haar laatste radioreportage handelde over de vijftigjarige herdenking van de landing van de geallieerde troepen in Normandië 1944. Onder de objecten die aan de kring werden afgestaan, bevinden zich een medaille ‘Prima Perpetua’ – 1962-1968 – L. Cornelis / Mater Deilyceum Sint-Pieters-Woluwe, een Duits insigne (ijzerkruis) met de jaartallen 1813 en 1939 en een swastika. Wij danken de schenkers.

Guy Vandenbemd, zoon van Frans Vandenbemd (‘Fansjke’ 1921-2017) schonk ons documenten van zijn vader betreffende zijn oproeping voor arbeidsdienst in Duitsland in 1943 en onderduikdocumenten.

Hartelijk dank aan de schenkers

(top)

Necrologie

5 november: begrafenis Willy Schroeders

Die morgen had in de Sint-Janskerk de uitvaart plaats van de bekende wielrenner van weleer, de nu 84-jarige Willy Schroeders. Hij was vooral bekend als meesterknecht van de ‘Keizer van Herentals’, Rik Van Looy. Deze laatste had heel wat overwinningen aan diens voorbereidend werk te danken. Schroeders werd geboren in Sint-Agatha-Rode en ging later in Heverlee wonen. Als liefhebber al reeg hij de overwinningen aan elkaar. In 1955 werd hij beroepsrenner en hij won al spoedig de wedstrijd Brussel-Luik. Er volgden nog 30 overwinningen, waaronder drie ritten in de Giro (1961 en 1962). In de Ronde van Frankrijk van 1962 reed hij gedurende drie dagen in de gele trui. In 1965 hing hij zijn fiets aan de wilgen. Ondertussen was hij in Tervuren komen wonen, waar hij de rest van zijn leven verbleef.

VM